BREDE SCHOOL MOLENBEEK+

VISIETEKST

Visietekst ‘Brede School’ VGC

INLEIDING

Kinderen en jongeren groeien op in een samenleving die steeds complexer wordt. In Brussel hebben daarnaast ook maatschappelijke uitdagingen zoals diversiteit, sociale ongelijkheid en armoede een grote impact op hun leven. Kinderen en jongeren hebben heel wat competenties nodig om in deze grootstedelijke realiteit mee vorm te geven aan hun leven en hun omgeving. Maar die competenties verwerven is niet vanzelfsprekend. Het vraagt om een integrale en gecoördineerde aanpak op maat, door iedereen die zorg voor hen draagt.

De Brede School kan hierop een antwoord zijn. Het is een benadering om via een duurzame, doelgerichte en gelijkwaardige samenwerking tussen organisaties uit verschillende beleidsdomeinen, maximale ontwikkelingskansen te bieden aan kinderen en jongeren.

REFERENTIEKADER

Steeds meer scholen en organisaties raken overtuigd van de kracht die van een Brede School kan uitgaan in het realiseren van maximale ontwikkelingskansen voor alle kinderen en jongeren. Met deze tekst wil de VGC duidelijkheid brengen in het gebruik van het begrip Brede School. Het referentiekader ‘Wat is een Brede School’ (2010) dat het Steunpunt Diversiteit en Leren ontwikkelde in opdracht van de Vlaamse Gemeenschap en de VGC, zet de krijtlijnen uit waarin de Brede School doorheen al haar facetten en in haar volle rijkdom tot ontwikkeling kan komen. De VGC inspireert zich op dit referentiekader maar wil een aantal elementen en accenten, eigen aan de Brusselse situatie, uitwerken.

DEFINITIE EN KENMERKEN

Een Brede School is een actief netwerk van organisaties uit verschillende sectoren rondom een of meer scholen die een bondgenootschap vormen voor een gemeenschappelijk doel: de brede ontwikkeling van kinderen en jongeren, op school en in de vrije tijd. Een Brede School is ingebed in de buurt en in het sociaaleconomisch weefsel en werkt van daaruit nauw samen met de samenleving, het verenigingsleven, de bedrijven, de social profit en de overheidsinstellingen. Centraal in de Brede School staan de noden en tekorten, de kansen en mogelijkheden van Brusselse kinderen en jongeren. Elke doelstelling, samenwerking en actie moet worden afgewogen aan de waarde ervan voor de ontwikkeling van het kind of de jongere.

Brede School is maatwerk en heeft daarom op iedere locatie zijn eigen uitwerking. Brede scholen hebben dus verschillende verschijningsvormen. Het initiatief voor de ontwikkeling van een Brede School kan zowel bij de school liggen, als bij een andere instelling, als bij de overheid.

Brede scholen zijn herkenbaar aan:

- een structureel samenwerkingsverband tussen één of meerdere scholen en één of meerdere instellingen voor kinderopvang, welzijn, zorg, cultuur en sport;

- een gezamenlijke visie en een doorgaande lijn in de werkwijze;

- een organisatorische verankering van de samenwerking in het beleid en de uitvoering van de betrokken organisaties;

- een stevige inbedding in de buurt/wijk en het socio-economisch weefsel.

Instrumenten:

- uitwerken van kwaliteitscriteria voor multidisciplinaire samenwerking op het vlak van inhoud, organisatie, programma, huisvesting, financiën, …

- bepaling van een gemeenschappelijke missie, doelstellingen, resultaten die men wil bereiken.

PARTNERS

De kern van de samenwerking zijn de partners die op elkaar betrokken zijn (vast). Van daaruit kunnen eventueel nog andere bondgenoten worden gezocht om mee samen te werken (los).

Een goed samenwerkingsverband is gebouwd op vertrouwen, een heldere visie en aandacht en zorg voor elkaar. In een goed samenwerkingsverband gaat men respectvol met elkaar om, erkent men elkaars competenties en deskundigheden. De partners hebben een open en flexibele houding tegenover elkaar, ze weten elkaars expertise te benutten en zijn het eens over de rolverdeling.

Alle partnerorganisaties zijn gelijkwaardig en hebben een evenwichtige stem in het uitwerken van de visie, de doelstellingen en de acties van een Brede School. De meerwaarde van het samenwerkingsverband ligt in het gemeenschappelijk gedragen doel en daaraan verbonden actieplan, dat elk van de partners in zijn kernopdracht versterkt.

Elke medewerker van een partnerorganisatie die met kinderen en jongeren werkt in een brede schoolverband, moet zich betrokken en verantwoordelijk voelen bij de Brede School. Een Brede School heeft daarom in haar werking oog voor de motivatie en het engagement van elke medewerker, met respect voor diens eigenheid en mogelijkheden. Daarbij schenkt de Brede School bijzondere aandacht aan vrijwilligers.

Een coördinator met voldoende mandaat en toegang tot een ruim en divers netwerk is cruciaal om een succesvolle Brede School te realiseren. Elke Brede School beschikt aldus over een coördinator, ingebed in een lokaal netwerk van partners. Deze lokale coördinatoren kunnen rekenen op ondersteuning en omkadering vanwege de algemene coördinator Brede School. De algemene coördinator wordt tewerkgesteld binnen de VGC of een partnerorganisatie van de VGC en heeft als opdracht om de visie en het concept Brede School verder uit te werken en te implementeren in Brussel.

Volgende randvoorwaarden zijn belangrijk:

- het partnerschap genereert een belangrijke meerwaarde;

- er is sprake van een gezamenlijke verantwoordelijkheid;

- er is sprake van een gemeenschappelijke visie op ‘kwaliteit’.

Instrumenten:

- opzetten van een gedegen projectorganisatie;

- vastleggen van verantwoordelijkheden;

- bewaken van voortgang en koers door monitoring en evaluatie.

VISIE EN DOELEN

De uitwerking van een visie is van belang om een breed draagvlak te creëren. Iedere Brede School kiest zijn eigen visie en de daarbij passende doelstellingen. Ook de vertaling van de visie naar concrete werkvormen, aanbod en werkwijze wordt door iedere Brede School afzonderlijk vastgelegd.

Bij het vastleggen van de visie wordt rekening gehouden met de doelgroep en de setting van de Brede School: samenstelling van de schoolpopulatie; achtergrondkenmerken van de kinderen, ouders en buurtbewoners; bevolkingssamenstelling van de wijk; aanwezigheid van voorzieningen. 3

Uit de visie kan men de concrete doelen afleiden. Bovendien moeten de inspanningen worden duidelijk gemaakt die nodig zijn om de beoogde resultaten te bereiken. Er is tevens voldoende aandacht nodig voorhet rendement (doelbereik, doelmatigheid, doeltreffendheid)

Volgende globale doelen vormen de kern:

- kinderen meer ontwikkelingskansen bieden;

- leerprestaties van kinderen verbeteren;

- gericht taalonderwijs en buiten- en voorschoolse taalstimulering;

- sociale competenties van kinderen bevorderen;

- integraal werken in de verschillende leefsferen van het kind (gezin, buurt en school);

- talenten van kinderen ontwikkelen, waarbij leren breed wordt opgevat;

- sociale cohesie bevorderen;

- zorgen dat kinderen een goede opvang krijgen;

- ouders meer betrekken bij de ontwikkeling van hun kind;

- ouders ondersteunen bij de opvoeding van hun kind;

- samenwerking tussen scholen en instellingen versterken;

- wijk en school meer op elkaar betrekken;

- participatie van kinderen en jongeren bevorderen.

Instrumenten:

- vastleggen van engagement in intentieverklaring;

- omschrijving van visie en werkwijze in kadernota;

- opmaak van een evaluatieplan.

AANBOD EN PROGRAMMA

Een Brede School biedt een samenhangende programmering van activiteiten, samengesteld op basis van heldere doelstellingen. Het programma biedt meer dan een reguliere school, omdat de instellingen samen meer voorzieningen, diensten en activiteiten bieden.

Om tot een zinvolle programmering te komen, is het noodzakelijk om te kijken naar de situatie in de wijk, de wensen en behoeften van de kinderen en de ouders, de wensen en de verwachtingen van de partners.

Het aanbod kan zich richten op thema’s als educatie, cultuur, sport en spel, expressie, techniek, zorg,opvang, opvoedingsondersteuning, ..

Bij het opbouwen van de programmering wordt gestreefd naar een betere afstemming tussen de activiteiten binnen de schooltijd en die buiten/na de schooltijd.

Instrument:

- werkplan waarin wordt vastgelegd welke activiteiten er binnen de Brede School zijn.

OP MAAT VAN BRUSSEL OOOP MAAT VAN BRUSSEL

Gelijke kansen

Een Brede School biedt maximale ontwikkelingskansen aan àlle kinderen en jongeren. Het spreekt voor

zich dat de Brede School in het bijzonder voor kinderen die in (kans)armoede opgroeien en van thuis uit kansen missen, een hefboom naar gelijke ontwikkelingskansen kan zijn.

Leefomgeving en leeromgeving De leefomgeving van kinderen en jongeren beperkt zich niet tot hun woonbuurt, de wijk waar hun school ligt of de weg tussen beide. Binnen Brede School is de leefomgeving geen geografische afbakening maar een aaneenschakeling van verschillende contexten waarin kinderen zich bewegen. Een Brede School verbindt deze verschillende contexten met elkaar en benut de leerkansen die ze bieden, zowel in de schooltijd als in de vrije tijd.

Diversiteit

De leefomgeving waarin kinderen en jongeren in Brussel opgroeien, is zo verschillend dat ze ook heel uiteenlopende noden en mogelijkheden ervaren. Dankzij haar lokale invulling, kan een Brede School een aanpak op maat bieden die op die diversiteit inspeelt. Maar dat vraagt van iedereen die met Brusselse kinderen en jongeren werkt, de ingesteldheid en competenties om op een positieve manier met diversiteit4om te gaan. Het samenwerken aan een gemeenschappelijke analyse, doelstellingen en acties, draagt daartoe bij: het verruimt de blik van elke partner uit het netwerk en versterkt hem tegelijk in zijn eigen expertise.

Lokale invulling

Een gedeelde Brusselse visie op een Brede School laat voldoende ruimte voor een lokale invulling van het concept. Geen enkele Brede School is immers identiek omdat haar werking mee wordt bepaald door de context waarbinnen ze functioneert.

Meertalige context

Een Brusselse Brede School is ook altijd een taalverhaal. De talige ontwikkeling van kinderen en jongeren heeft een invloed op alle (toekomstige) levensdomeinen en loopt als rode draad doorheen hun integrale ontwikkeling. Het bevorderen van de taalvaardigheid Nederlands van anderstalige kinderen en jongeren uit het Nederlandstalig onderwijs is daarom belangrijk in functie van schoolsucces, integratie, brede ontwikkelingskansen,… Een Brede School moet op een positieve manier omgaan met thuistalen en met een meertalige omgeving.

Ouderbetrokkenheid

Kinderen en jongeren groeien op in de samenleving vanuit een thuisbasis. Ouders hebben dan ook een unieke plaats binnen het netwerk rondom het kind en de jongere. Een Brede School moet aandacht hebben voor het betrekken en voor de ondersteuning van ouders vanuit de gezamenlijke verantwoordelijkheid die ze hebben voor de opvoeding van het kind en de jongere. Zo versterkt de betrokken ouder de effectiviteit van de Brede School en omgekeerd ondersteunt de Brede School de ouders.

GROEIPROCES

Een Brede School is nooit af maar voortdurend in beweging, zowel naar inhoud als naar vorm, afhankelijkvan nieuwe noden en kansen die zich in een lokale context voordoen. De duurzaamheid van het netwerk en de gemeenschappelijke acties onderscheiden de Brede School van andere, projectmatige samenwerkingen. Maar omdat een Brede School de tijd moet krijgen om vrijwillig en van onderuit te groeien, moeten ook samenwerkingsinitiatieven die in zich de kiem dragen van een Brede School, ondersteuning krijgen.

Gezien om gevoegd te worden bij Collegebesluit houdende de goedkeuring van de visietekst Brede

School nr. 20102011-0241 van 16-12-2010

De collegeleden,

Bruno DE LILLE Brigitte GROUWELS Jean-Luc VANRAES

http://bop.vgc.be/onderwijs/taalvaart/visietekst%20brede%20school%20(16-12-2010).pdf
home